Leestijd: 6 minuten

Interuniversitaire samenwerking

Belangrijkste realisaties

  • VLIR-verkiezingsmemorandum 2019 als motor van gezamenlijke actie
  • Impact van het rectorenoverleg op de onderzoeksfinanciering
  • Unieke bundeling van de middelen van de Vlaamse universiteiten in iBOF
  • Gezamenlijke investering van de Belgische universiteiten in een online probability panel
  • Ontwikkeling van een Mensenrechten- en een Gendercharter door de Vlaamse rectoren
  • Gemeenschappelijk initiatief voor de Universiteit van Vlaanderen
  • Maatschappelijke impact van de rectoren door gezamenlijke opiniestukken
© VLIR

Sterker, maar niet ten koste van anderen

De KU Leuven is een bijzondere universiteit en in vele opzichten de leidende universiteit in België. Maar ook de andere Vlaamse universiteiten hebben hun sterktes, die ze elk vanuit hun eigenheid ontwikkelen en cultiveren. Een zekere complementariteit en actieve samenwerking zijn goed voor de wetenschap en houden ook voordelen in voor de KU Leuven. We houden elkaar scherp. 

Ik heb de voorbije jaren, ook als voorzitter van de Vlaamse Interuniversitaire Raad (VLIR), vaak gepleit voor verregaande interuniversitaire samenwerking. Ik heb de ontwikkeling van gezamenlijke initiatieven gestimuleerd. Neen, dat is geen naïeve opstelling die ruimte geeft aan nivellering. Integendeel, pleiten voor intensere samenwerking gaat samen met de bescherming van de eigen positie. Het evenwicht vinden tussen die twee opstellingen is de kunst van goed bestuur. Anno 2021 werken we veel meer samen, maar de KU Leuven heeft tegelijkertijd haar relatieve positie versterkt. 

Hoge toppen scheren

Toen ik rector werd, was het eerste voornemen de KU Leuven sterker te maken. De cijfers tonen dat dit gelukt is. Maar niet ten koste van anderen. De geloofwaardigheid van en het vertrouwen in de wetenschap – ook bij de overheid – groeien als alle Vlaamse universiteiten hoge toppen scheren. Bijsturing van de politieke koers lukt beter als ze vertrekt van erkenning van gedeelde belangen en interuniversitaire standpunten en van gezamenlijke lobbying. Het VLIR-verkiezingsmemorandum 2019 is hier een treffend voorbeeld van.  

Na vier jaar ervaring in het Bureau van de VLIR kan ik me geen dossier herinneren dat niet geland is, in consensus tussen de rectoren of minstens met een eerbaar compromis. Dat is maar mogelijk mits grondige dossierkennis en een open dialoog. Zelfs de lastige onderhandeling over de nieuwe verdeelsleutels voor het Bijzonder en het Industrieel Onderzoeksfonds – ik heb in een blog toegelicht hoe het resultaat tot stand kwam – is op redelijke termijn afgerond met een gunstige uitkomst voor onze universiteit. 

De KU Leuven heeft in die onderhandelingen de basis gelegd voor de Interuniversitaire BOF- of iBOF-projecten. Voor het eerst bundelen de Vlaamse universiteiten hun onderzoeksmiddelen om samen te investeren in gezamenlijke consortia: samen capaciteit opbouwen in domeinen van excellentie. Intussen is aan vijftien interuniversitaire consortia een iBOF-project toegekend. De KU Leuven participeert in dertien van die consortia en draagt het promotorschap van zeven projecten. Op deze manier bundelen de Vlaamse universiteiten hun deskundigheid en versterken ze hun positie ter plekke en elders. Samen sterker

Op initiatief van de KU Leuven is er door de vijf universiteiten samen ingetekend op het nieuwe Steunpunt ‘Ontwikkeling van gestandaardiseerde, genormeerde en gevalideerde net- en koepeloverschrijdende toetsen in Vlaanderen’. De reden is simpel. De kwaliteit van het daar geleverde onderzoekswerk zal mee bepalend zijn voor de kwaliteit van de toekomstige instroom in het hoger onderwijs. Een ander voorbeeld is de beslissing van het KU Leuven-bestuur om te investeren in een grootschalig online probability panel dat snelle peilingen toelaat, een consortium waar alle Belgische universiteiten intussen mee zijn ingestapt. Dat om maar enkele van de vele projecten te noemen die via interuniversitaire samenwerking vorm krijgen vanuit en met de KU Leuven.

Samen beleid maken

De vijf rectoren hebben samen beleid gemaakt in tal van domeinen. Denk aan de ontwikkeling van het Mensenrechtencharter, in de nasleep van de Leuvense Law-Train-casus. Dit werk heeft zich vertaald in de beslissing van de KU Leuven om een mensenrechtentoets toe te passen op internationale contracten. Of neem het Gendercharter dat samen met de Jonge Academie is ontwikkeld. Ook deze inspanning is intussen vertaald in een belangrijk addendum bij het genderactieplan van de KU Leuven. Andere voorbeelden zijn het gezamenlijke werk rond het zoekjaar voor internationale studenten en onderzoekers, de inspanningen voor een charter rond grensoverschrijdend gedrag, of de ontwikkeling van de pandemiematrix. 

Ook de Universiteit van Vlaanderen verdient vermelding. Misschien bent u wel één van de begeesterende wetenschappers die dit kanaal gebruikt heeft om het ruime publiek vertrouwd te maken met de wetenschap achter boeiende vragen. Veel sterker kan wetenschapscommunicatie niet worden. Door bundeling van krachten is wetenschap nu voor iedereen gratis toegankelijk via korte video’s en podcasts. De Universiteit van Vlaanderen kreeg in 2019 terecht de driejaarlijkse prijs van de Minister van Wetenschapsbeleid. In feite een prijs voor de vijf universiteiten. Of juister nog: voor de wetenschappers die hier het beste van zichzelf gaven.

De kracht van het getal en de breedte van een universitaire coalitie maken ook het verschil wanneer standpunten nodig zijn. Ja, door de namen van andere rectoren en universiteiten mee te nemen, kom je zelf wat minder in de schijnwerpers. Maar het is de impact die telt, niet de kracht van het licht op de eigen persoon. De vele gezamenlijke opiniestukken van de vijf rectoren getuigen daarvan: over vrijheid van meningsuiting, de nood aan een Talenplan, het belang van investeren in universiteiten, de ongezonde spanning tussen regering en wetenschappers, of de oproep tot actieve diplomatie in het conflict in Tigray (Ethiopië).

Een bijzondere vermelding verdient de open brief aan de federale regering die bij de start van de pandemie het lobbywerk van de vijf rectoren schraagde. De gezamenlijke actie heeft mede verschil gemaakt voor onze volksgezondheid. De gezamenlijke oproep ten aanzien van de federale regering in de zomer van 2020 was er een noodzakelijk vervolg op. 

Het warmste moment? Dat was ongetwijfeld de gezamenlijke uitreiking van eredoctoraten aan personen die zich verdienstelijk hebben gemaakt in universitaire ontwikkelingssamenwerking. 

Samen sterk

Ja, er is bij momenten spanning geweest. Ja, er zijn behoorlijke wrijvingen geweest, bijvoorbeeld met de Universiteit Antwerpen toen we van campus verhuisden of rond het 10-10-10-uitbreidingsplan van de Universiteit Hasselt. Maar die momenten wegen niet op tegen de grote dankbaarheid aan collega’s Caroline Pauwels, Herman Van Goethem, Rik Van de Walle, Luc De Schepper en Bernard Vanheusden voor de puike samenwerking en de wil om altijd te blijven zoeken naar oplossingen.